Debbi
Het was mijn eerste dag als kleuterleidster, en ik was wel een beetje zenuwachtig.Het duurde even tot ik mijn vierjarige leerlingen stil kreeg, maar uiteindelijk lukte dit toch.Wij waren druk bezig met knutselen, toen opeens de deur open ging, en een vreemde mevrouw de klas binnenstapte.
Ze stond naast de deur en keek aandachtig toe, hoe ik met de kinderen omging. Ik stotterde niet, en kon nog altijd de glimlach op mijn gezicht behouden, maar om eerlijk te zijn, was ik heel zenuwachtig. Wie is die mevrouw ? Waarom staat zij daar?
En waarom kijkt zij ons zo aandachtig aan?
Toen ik weer naar de deur keek, was ze verdwenen. De rest van de dag ging goed voorbij. Ik was bezig de laatste tafels op te ruimen, toen de directeur binnen kwam en vroeg of ik even bij hem langs kon komen, voordat ik naar huis ging.
Mijn hart begon sneller te kloppen. Had ik de verkeerde liedjes gezongen? Was het knutselwerk te moeilijk? Te gemakkelijk ? Toen ik voor de deur van het bureel stond was ik bloednerveus. Maar het ging helemaal niet om mij, het ging over de mevrouw die ons had geobserveerd. Zij was de moeder van een klein meisje, Debbie, dat met een defect aan haar benen geboren was, en daarom metalen beugels moest dragen. Debbie zou erg graag naar een gewone school gaan, maar kon zich zeer moeizaam voortbewegen. Ook mankte zij erg. Ze zou in en uit de klas gedragen moeten worden. Haar evenwicht was heel slecht, en ze had de neiging te vallen als ze maar een beetje geduwd werd. We zouden de andere kinderen moeten waarschuwen om heel voorzichtig te zijn als ze naast haar kwamen, om haar niet per ongeluk te laten vallen.
De directeur vroeg mij wat ik er van dacht om haar in mijn klas te hebben. Ik was sprakeloos.
Hier was ik dan, mij afvragend of ik het zou overleven met een bende levendige vierjarigen, en nu werd mij gevraagd of ik er nog een meisje met speciale behoeften erbij zou willen nemen? Ik antwoordde dat ik bereid was het meisje in mijn klas te hebben, maar wel op proef.
Die nacht deed ik geen oog dicht. De volgende dag zaten we allen op de grond toen Debbie, in de armen van haar moeder, binnenkwam. De moeder zette Debbie naast ons op de grond. De meeste kinderen kenden Debbie van Shul, en groetten en omhelsden haar hartelijk. Debbie keek naar me en ik glimlachte : "Welkom in onze klas, Debbie" zei ik. De eerste dag verliep goed, Debbie viel maar twee keer.
Toen ik Debbie al een paar dagen van de klas naar de speelplaats en terug had gedragen, begon ik mij af te vragen : Waarom zou ik haar niet aanmoedigen om zelf een paar stapjes te maken naar de speelplaats ? Ik vroeg Debbie of ze het zou willen proberen, en ze werd heel enthousiast. De volgende dag stuurde ik de klas naar de speelplaats met mijn twee helpsters en hielp ik Debbie die voor het eerst alleen naar de speelplaats zou gaan. Met veel moeite geraakte ze tot bij de deur van de volgende klas, ongeveer een drie-tal meter verder. Wij waren beiden zeer tevreden over dit resultaat.
Mijn helpsters dachten er anders over. Zij waren ontzet dat ik dat arm meisje zo aanmoedigde om alleen te stappen, en smeekten me haar naar buiten te dragen en haar op een bank te zetten, zodat ze de andere kinderen kon zien spelen. "Dat is toch veel gemakkelijker" zeiden ze. Maar Debbie wilde doorzetten.
En zo begonnen we aan onze moeilijke taak: elke dag een wandeling naar de speelplaats. Mijn hart maakte een sprongetje, elke keer als Debbie wankelde en bijna omver viel, maar Debbie grinnikte, en zei dat ik mij geen zorgen moest maken, dat alles in orde was. Ik begon deze momenten te koesteren. Alleen in de gang, met mijn armen gestrekt om Debbie op te vangen als het nodig was. Debbie glimlachte altijd, en zei dat ze zich nog nooit zo goed had gevoeld.
Toen de vloeren pas gedweild en glad waren, was ik wel erg zenuwachtig, maar Debbie overtuigde me ervan dat alles fijn was, en ze vervolgde haar langzame, onhandige wandeling door de gang. Zij was vastbesloten om de speelplaats te bereiken. Mijn helpsters schudden alsmaar verder hun hoofd en vonden dat ik overdreef.
Elke dag markeerde ik haar vooruitgang door de gang met een stift op de muur. En elke dag kwam er een streepje bij . Debbie's klasgenootjes begonnen onze dagelijkse wandeling op te merken, en moedigden haar aan, toen ze haar in de gang aan het werk zagen.
Na een paar weken bereikte zij, helemaal alleen, de speelplaats. Zij straalde, toen haar vriendinnen haar op de schouder klopten en haar feliciteerden. Mijn helpsters waren blij verrast, en trakteerden iedereen op een snoepje ter ere van Debbie.
Weken gingen voorbij, en Debbie stapte elke dag alleen naar de speelplaats . We moesten haar niet meer dragen, zij was onafhankelijk geworden.
In de maand december was Debbie een paar dagen afwezig. Zij was naar haar specialist gereisd voor haar jaarlijks onderzoek.
Maandag morgen kwam Debbie weer terug naar school. Haar moeder vroeg mij of ik iets speciaals met Debbie had gedaan. Ik begreep niet goed wat ze bedoelde. " Heb jij haar tot stappen gedwongen ?" Ik werd bang. Misschien had ik haar niet mogen aanmoedigen om tot aan de speelplaats te stappen. Had ik haar toestand daardoor verergerd ? Zou Debbie nu voor de rest van haar leven in een rolstoel moeten zitten? Ik probeerde heel voorzichtig uit te leggen dat ik Debbie had aangemoedigd om alleen naar de speelplaats te stappen. Ik zei ook dat Debbie het heel graag gedaan had. Debbie's moeder wees naar de benen van het meisje en toen zag ik dat de kniebeugels door enkelbeugels vervangen werden. "Haar benen hebben meer beweging gehad in de laatste paar maanden dan in de laatse vier jaar," zei haar moeder zachtjes. Ze keek mij aan met tranen in de ogen en zei " Hoe kan ik je ooit bedanken voor alles wat je voor mijn dochter hebt gedaan ?"
Het is nu zeventien jaar geleden, maar vaak denk ik nog terug aan de tijd toen Debbie alleen naar de speelplaats stapte. Als ik soms droevig ben, herinner ik mij haar stralende glimlach, terwijl ze ijverig door die gang stapte. Zij leerde mij dat geen enkele hindernis in het leven te groot is om te overwinnen. Je moet er maar aan werken, stapje per stapje. En op een dag, zul je dan tot bij de speelplaats kunnen geraken.
